Vaccinatie en antibiotisch beleid bij splenectomie

Publicatiedatum:
18 september 2018

Doel is voorkomen van “overwhelming postsplenectomy infection”.

Indicaties

  • splenectomie
  • functionele asplenie (o.a. sikkelcel-ziekte, miltbestraling)

Vaccinaties

Vaccinaties bij volwassenen: de volgende vaccinaties worden aanbevolen:

Tenminste 2 weken voor splenectomie toedienen indien mogelijk, anders 2 weken na splenectomie:

  • PCV-13: 13-valent pneumokokken-conjugaatvaccin, bij voorkeur 2 maanden vóór PPV-23; bij niet eerder gevaccineerde patiënten; eenmalig
  • PPV-23: 23-valent pneumokokken-polysaccharidevaccin, bij voorkeur 2 maanden na PCV-13; eenmalig na 5 jaar herhalen.
  • Haemophilus influenzae B conjugaat vaccin (eenmalig, bij niet eerder gevaccineerde patiënten).
  • Meningococcen C conjugaat vaccin (eenmalig, bij niet eerder gevaccineerde patiënten).
  • Influenza (zo snel mogelijk pre- of postsplenectomie, jaarlijks herhalen). 

Antibiotica

  • Bij volwassenen profylactisch antibiotica (feneticilline 2 dd 250mg of 1 dd 500mg; bij allergie of intolerantie clarithromycine SR tablet 1 dd 500mg of azitromycine 3x/week 250mg) gedurende eerste 2 jaar na splenectomie.
    Continue profylactische antibiotica (feneticilline 2 dd 250mg; bij allergie of intolerantie clarithromycine SR tablet 1 dd 500mg) worden geadviseerd voor kinderen 12-16 jaar.
  • Daarna: antibiotica (amoxicilline-clavulaanzuur 500/125mg 3 dd p.o.) on demand geven (thuis starten bij koorts en dierenbeten)

Informatie patient

  • mondelinge en schriftelijke (herhaalde) informatie aan patiënt en huisarts
  • medical alert kaart dragen met vermelding: niet functionele milt/milt verwijdering en vaccinatie gegevens